De bilt, Zaterdag avond 23 mei: Henk Fennema uit Soest is aan het werk met de bestrijding van ratten op het terrein van een winkelcentrum. Hij werkt in opdracht van de vastgoedeigenaar, die het centrum exploiteert. Het winkelcentrum was gesloten, de meldkamer van de politie was geïnformeerd en Henk was duidelijk herkenbaar als rattenschutter.
Op het terrein is sprake van rattenoverlast. Ongediertebestrijders doen hun best en het terrein ligt bezaaid met lokdozen. Door de nieuwe regels m.b.t. het gebruik van rattengif is dit nauwelijks nog effectief. In dit soort situaties wordt steeds vaker een rattenschutter ingezet.
Geüniformeerde agenten met kogelvrij vest en handen op de heup betraden vanuit verschillende kanten het terrein en hadden de rattenschutter in het donker aanvankelijk niet gezien. Henk, die begreep dat zijn bericht aan de (112)-meldkamer kennelijk niet was aangekomen, trad naar voren.
De geschrokken politiemannen (een peloton van 8 man) sommeerde de rattenschutter om zijn “wapen” neer te leggen en zich om te draaien. Hij werd gefouilleerd en ondervraagd.
De vergissing werd snel duidelijk. Kennelijk heeft een omstander gezien dat er iemand met een “wapen” om de schouder rondliep en heeft de politie gebeld. De meldkamer heeft niet de link gelegd met de aangekondigde aanwezigheid van de rattenschutter. Nadat Henk zijn verhaal had gedaan ontspande de situatie. Zij zouden nog even nagaan waar het was misgegaan in de meldkamer. Na het controleren van de papieren en de excuses van politiemannen kon Henk weer aan werk.
De ratten waren kennelijk ook erg geschrokken, want deze hebben zich die avond niet meer laten zien.